Fantastisch! Dr. Norman Finkelstein spreekt op de Waterloo University in Ontario, Canada. Finkelstein, zelf joods, staat vooral bekend als auteur van boeken en artikelen over het Israëlisch-Palestijnse conflict en de hedendaagse omgang met de herinnering aan de holocaust. Finkelstein introduceerde de term “De Holocaust-industrie” (met hoofdletter H, ter onderscheiding van de historische nazi-holocaust) in een boek met een gelijknamige titel. Hierin beschrijft hij hoe de nazi-holocaust door bepaalde zionistische organisaties en door Israël zou worden geëxploiteerd. In mei 2008 werd Finkelstein de toegang tot Israël geweigerd.
Vertaling hieronder.
Meisje: “Tijdens je speech heb je een hoop referenties gemaakt naar Joodse mensen, alsmede naar bepaalde mensen in je publiek, niet Joodse mensen in het algemeen, maar bepaalde mensen specifiek in je publiek als zijnde nazi’s. Nou, dat is ontzettend beledigend als bepaalde mensen Duits zijn en het is ook ontzettend beledigend naar mensen die echt geleden hebben tijdens de nazi oorlog.”
Finkelstein: “Ik respecteer dat niet meer. Dat doe ik echt niet. Ik hou niet van en ik respecteer niet, de krokodillentranen (onderbrekingen)… de krokodillentranen… (klappen en huilen van het publiek) Mensen. Sta mij toe uit te praten. Meneer. Sta mij toe uit te praten.
Ik hou er niet van om voor een buitenlands publiek de Holocaust-kaart te spelen. Maar nu voel ik mij daartoe genoodzaakt. Mijn grootvader zat in Auschwitz. Mijn grootmoeder… alsjeblieft.. mond dicht.. (applaus). Mijn grootvader zat in Auschwitz. Mijn grootmoeder zat in Mgdonevice concentratiekamp. Elk lid van mijn familie aan beiden kant was vernietigd, mijn beiden ouders waren in het Warschauw Getto.
Zij leerden mij en mijn tweeling dat ik mij niet de mond laat snoeren over Israel en diens misdaden tegen Palestijnen. Ik beschouw niets verachtelijker dan het misbruiken van hun lijden en hun martelaarschap om verwoesting van huizen en de folteringen en de bruutheden die gepleegd worden tegen de Palestijnen te rechtvaardigen.
Ik weiger om nog langer geïntimideerd en geknecht te worden door de tranen.
Als je een beetje hart in je zou hebben, zou je huilen voor de Palestijnen.”
